Het dorp is tijdens de oorlog tot 2x toe helemaal met de grond gelijk gemaakt.
Er is geen school, wat inhoudt dat de kinderen vaak naar familie in de stad gestuurd worden om daar naar school te gaan. De kinderen komen dan in de weekenden en vakanties thuis om mee te helpen op het land en bij het jagen. Het is vanaf de weg 2,5 uur lopen naar het dorp, de weg naar het dorp is slecht en daar rijden meestal geen taxi's.
We hebben daar een beetje mogen proeven van hoe het is om buiten de bewoonde wereld te leven. De vrouwen zijn bezig met eten voor die dag en om spullen klaar te maken om te verkopen op de markt. De mannen werken op het land en zijn aan het jagen.
We werden hartelijk ontvangen en konden rustig rondlopen door het dorp. Tussen de middag was er voor ons gekookt, rijst met pumpkinsoup of peppersoup met foufou.
Daarna een stukje door de bush gelopen en bladeren meegenomen om zelf bezems van te maken.
Alles wordt daar vanuit de natuur gehaald, heel bijzonder om dat zo mee te maken.
Je kunt je niet voorstellen hoe het is om daar te leven, daar zouden wij het echt niet redden denk ik. Er was een heel klein watertje waar gewassen wordt maar waar ook de vis gevangen wordt die in de soep zit zeg maar.
Om jullie een beetje een indruk te geven heb ik wat foto's geplaatst.
Het was een bijzondere dag. We hebben er van genoten en begrepen van de mensen in het dorp dat ook zij er van genoten hebben dat we geweest waren. Een hele belevenis voor ze, zo vaak komen er geen blanken op visite zeg maar.
Wat een cultuur verschillen zijn er dan, dat wordt je op zo'n dag weer goed duidelijk.
Deze vrouw heeft de was even gedaan en zichzelf gewassen in hetzelfde water waar de vissen gevangen worden. Ik heb trouwens een lekker visje gegeten die dag, denk dat die ook uit dat water is gekomen. Smaakte goed in de pumpkinsoup en de rijst.
Nou, dat was het weer even.














